Een tijdje geleden heb ik gefotografeerd in een bijna verlaten dorpje in België. Het dorpje heet Doel en gaat waarschijnlijk door de uitbreidingsplannen van de Antwerpse haven verdwijnen. Al meer dan 30 jaar strijden de inwoners tegen deze uitbreidingsplannen. In het dorpje wonen nog maar 24 mensen, het geeft het gevoel van een spookstad. Alle winkels zijn gesloten alleen een café waar je wat kunt drinken en een Belgische patat kunt eten is nog open. Bijna alle huizen en winkels zijn met houten platen dichtgetimmerd en met grafitti bespoten. De bewoonde huizen zien er keurig verzorgd uit. Zoals ook de kerk en het kerkhof, zeer proper en met mooie bloembakken versiert.

Ik hoopte één van de bewoners te kunnen spreken en te horen wat dit allemaal voor de bewoners betekent. Het doet heel veel met de bewoners. Ik kwam deze geportretteerde mooie markante kerel tegen. Hij reed met zijn auto en waakhond door de stad als een soort stadswacht. Alles hield hij in de gaten en bij onraad belde hij de Antwerpse politie. Hij vertelde dat het plaatsje al 400 jaar bestaat en dat alle ellende zo’n 30 jaar geleden begonnen is. De Antwerpse haven heeft eerst alle middenstanders uitgekocht. Daarna zijn enkele bewoners vertrokken maar de meesten wilden niet weg. Uiteindelijk zijn er in al die jaren steeds meer mensen vertrokken. Het stadje wordt geflankeerd door grote koepels van een kerncentrale “Doel” (vaak negatief in het nieuws) en de oprukkende kranen van de haven. De kranen lijken naarmate het donkerder wordt levende wezens te worden, je voelt je niet prettig in de verlaten straten.